moedig en optimistisch elk spelaanbod

accepteren

 

omgaan met spelaanbod

Een belangrijke en bekende 'regel' bij improviseren is: 'Ja!' zeggen. Dit gaat over acceptatie. 'Ja!' zeggen tegen elk idee en elk spelaanbod van anderen én van jezelf. Het tegenovergestelde van accepteren is blokkeren. Dit veroorzaakt negativiteit, irritatie en is zonde van de energie. Elk spelidee ontstaat namelijk vanuit creativiteit en is een mogelijkheid om de scène op te bouwen.

Blokkeren is het aanbod van anderen (of van jezelf) afwijzen. In het dagelijks leven is 'Nee!' zeggen een manier om onszelf te beschermen, een soort overlevingsstrategie. Op het podium moeten we beseffen dat we deze veiligheid juist niet nodig hebben om een interessante scène neer te zetten. Het publiek wil vermaakt worden en dingen zien die de meeste mensen normaal niet overkomen!

Ook vast willen houden aan je eigen idee lijkt veilig, maar is een blokkade. 

Neem genoegen met elk idee, hoe eenvoudig ook. Ga ervoor, met een open houding en een positieve instelling. Alles wordt ter plekke bedacht en gecreëerd, dus blijf in het moment en bouw samen aan een mooie scène.

 

regels

Falen mag Wanneer je op het podium staat doe je dingen die je nog niet eerder hebt gedaan: zonder script, zonder plan, improviserend. Het is dus heel logisch dat het fout kan gaan. Uit je comfortzone stappen levert echter vaak het mooiste spel op. Neem dus risico’s, volg je impulsen en verras jezelf en het publiek!

 

Samen kom je eruit Iedereen heeft sterke kanten. Bij improvisatietheater werk je coöperatief samen en maak je gebruik van elkaars sterke kanten om tot een zo mooi mogelijke scène te komen. Je staat er niet alleen voor, maar bouwt stapje voor stapje samen iets moois op. Elk idee van de ander geeft jou weer een impuls voor de voortgang van het proces. En andersom.

 

Ja, en… Door altijd alle ideeën van de ander te accepteren, zal het proces ook nooit tot stilstand komen. Je zegt ‘Ja!’ door de spelimpulsen van je tegenspeler positief te ontvangen én weer aan te vullen met een nieuwe impuls. Constructief en positief.

 

Laat de ander stralen Probeer niet zelf in de spotlights te gaan staan door grappig te doen ten koste van de ander of de scène. Door het spelaanbod van de ander te accepteren creëer je ook een ‘wij-gevoel’ en een veilige sfeer waarin dingen kunnen worden uitgeprobeerd en verrassende scènes ontstaan.

 

tips voor een goede start

Wees in het hier en nu 

Bekijk ontspannen wat je voor je ziet. Luister naar de ander. Zet je zintuigen open. Laat rust en ruimte ontstaan om je te kunnen concentreren en in het moment te komen. Zo kun je ook goed contact maken met je medespeler. Hij of zij is immers de belangrijkste persoon op het podium.

Begin positief 

Het publiek kan niet meeleven met een instant probleem. Begin neutraal of -beter- positief. Het verhaal start nadat je de personages, de situatie en de locatie hebt neergezet. Wie, wat, waar?

Start energiek en met zichtbaar plezier. Geef het personage een positieve of neutrale emotie mee.

Ken elkaar 

Een vaak gemaakte vergissing: de twee spelers zijn vreemden van elkaar. Deze scènes leiden vaak tot niets, dus zorg voor een relatie tussen de personages. Speel niet het moment dat zij elkaar voor het eerst zien. Ze kennen elkaar: een paar uur of hun halve leven, dat maakt niet uit. Zet zo snel en duidelijk mogelijk de relatie neer. Empathie en nieuwsgierigheid van het publiek is het resultaat.

Een belangrijke en bekende 'regel' bij improviseren is: 'Ja!' zeggen. Dit gaat over acceptatie. 'Ja!' zeggen tegen elk idee en elk spelaanbod van anderen én van jezelf. Het tegenovergestelde van accepteren is blokkeren. Dit veroorzaakt negativiteit, irritatie en is zonde van de energie. Elk spelidee ontstaat namelijk vanuit creativiteit en is een mogelijkheid om de scène op te bouwen.

Blokkeren is het aanbod van anderen (of van jezelf) afwijzen. In het dagelijks leven is 'Nee!' zeggen een manier om onszelf te beschermen, een soort overlevingsstrategie. Op het podium moeten we beseffen dat we deze veiligheid juist niet nodig hebben om een interessante scène neer te zetten. Het publiek wil vermaakt worden en dingen zien die de meeste mensen normaal niet overkomen!

Ook vast willen houden aan je eigen idee lijkt veilig, maar is een blokkade. 

Neem genoegen met elk idee, hoe eenvoudig ook. Ga ervoor, met een open houding en een positieve instelling. Alles wordt ter plekke bedacht en gecreëerd, dus blijf in het moment en bouw samen aan een mooie scène.

Falen mag! Wanneer je op het podium staat doe je dingen die je nog niet eerder hebt gedaan: zonder script, zonder plan, improviserend. Het is dus heel logisch dat het fout kan gaan. Uit je comfortzone stappen levert echter vaak het mooiste spel op. Neem dus risico’s, volg je impulsen en verras jezelf en het publiek!

 

Samen kom je eruit! Iedereen heeft sterke kanten. Bij improvisatietheater werk je coöperatief samen en maak je gebruik van elkaars sterke kanten om tot een zo mooi mogelijke scène te komen. Je staat er niet alleen voor, maar bouwt stapje voor stapje samen iets moois op. Elk idee van de ander geeft jou weer een impuls voor de voortgang van het proces. En andersom.

 

Ja, en…! Door altijd alle ideeën van de ander te accepteren, zal het proces ook nooit tot stilstand komen. Je zegt ‘Ja!’ door de spelimpulsen van je tegenspeler positief te ontvangen én weer aan te vullen met een nieuwe impuls. Constructief en positief.

 

Laat de ander stralen! Probeer niet zelf in de spotlights te gaan staan door grappig te doen ten koste van de ander of de scène. Door het spelaanbod van de ander te accepteren creëer je ook een ‘wij-gevoel’ en een veilige sfeer waarin dingen kunnen worden uitgeprobeerd en verrassende scènes ontstaan.

1. Wees in het hier en nu 

Bekijk ontspannen wat je voor je ziet. Luister naar de ander. Zet je zintuigen open. Laat rust en ruimte ontstaan om je te kunnen concentreren en in het moment te komen. Zo kun je ook goed contact maken met je medespeler. Hij of zij is immers de belangrijkste persoon op het podium.

2. Begin positief 

Het publiek kan niet meeleven met een instant probleem. Begin neutraal of -beter- positief. Het verhaal start nadat je de personages, de situatie en de locatie hebt neergezet. Wie, wat, waar?

Start energiek en met zichtbaar plezier. Geef het personage een positieve of neutrale emotie mee.

3. Ken elkaar 

Een vaak gemaakte vergissing: de twee spelers zijn vreemden van elkaar. Deze scènes leiden vaak tot niets, dus zorg voor een relatie tussen de personages. Speel niet het moment dat zij elkaar voor het eerst zien. Ze kennen elkaar: een paar uur of hun halve leven, dat maakt niet uit. Zet zo snel en duidelijk mogelijk de relatie neer. Empathie en nieuwsgierigheid van het publiek is het resultaat.